Biografie

(Kijk je liever een filmpje? Probeer dan dit interview uit 2024 bij Bo. )

Waarom schrijven wij?


Jarenlang vroeg ik me af waarom schrijven zo belangrijk voor me is. Het maakt niet uit wat er in mijn leven gebeurt, schrijven blijft de constante factor. 

Het helpt wel een beetje dat ik een hypermobiliteitssyndroom heb, waardoor ik om de regelmatig met een blessure rondhang op de bank. Lezen en typen gaan dan over het algemeen nog wel én je hebt lekker veel tijd om na te denken. Na een dag of twee gaat het meestal alweer beter en kunnen mijn zoon en ik weer aan de wandel, waarbij hij honderduit verteld en me op duizend ideeën brengt.

Maar toch, waarom schrijven? 

Dit jaar ben ik 55 geworden en ineens wist ik het. Verhalen zijn de kern van onze wereld.

Schrijvers weten dat als geen ander. Door verhalen waarschuwen we elkaar voor gevaar. We proberen elkaar op te beuren en op te vrolijken. We proberen te duiden, misschien te leiden, we proberen elkaar te vermaken. 

Oké, sommige mensen gebruiken storytelling om een product te verkopen, influencer te zijn of een bedrijf in de markt te zetten. Persoonlijk vind ik dat, sorry jongens, een beetje saai. Ik hou van het bedenken van werelden, mensen, situaties. Wat kan er gebeuren als de Mexicaanse Juan en de Nederlands Jan van plek wisselen?

Die natuurlijk verliefd worden op elkaars vrouw. Of man, dat kan natuurlijk ook. Hoe zou de wereld eruitzien als er alleen nog maar dictators bestaan? Die elkaar het licht in de ogen natuurlijk niet gunnen. Hoe wat, waarom, wat gebeurt er als … 

Ik heb helaas geen tijd om al mijn ideeën op te schrijven. Het mooie en moeilijke van mijn hoofd is dat het een soort ideeënmachine is, er popt elke keer weer wat op. Kijk, daar is er alweer eentje. Hoe zou het zijn als we ons leven uitbesteden aan Ai-robots, zodat we alleen nog maar hoeven te doen wat we leuk vinden. Is dat wel zo leuk? 

Een idee is echter nog geen verhaal. Om een verhaal te maken over Ri-luan, die in 2100 opgroeit en de hele dag niks anders te doen heeft dan als een prinsje opdrachten geven aan  zijn robots, en erachter komt dat hij dat niet voldoende vindt, moet ik een hele wereld creëren. Hoe zit de wereld van Ri-luan en zijn middenklasse ouders eruit? Waarom zijn die ouders zo moe? Waarom ziet Ri-luan ze haast nooit. 

Zo vordert het verhaal al in mijn hoofd. Superhandig als je op de bank zit te wachten tot een bepaalde pees in je been zich weer wenst te gedragen. En dan moet het verhaal nog uit mijn hoofd op papier. Een nieuwe plek waar het kan sneuvelen. 

Wie een verhaal schrijft, komt zelf ook dichterbij de kern. Al schrijvend moet je besluiten wat je weglaat, wat belangrijk is, wat logisch en onlogisch is. Wat vertel ik wel, wat niet. Wat weet ik maar laat ik weg voor de lezer die ook iets wil kunnen uitpuzzelen. Wat moet ik wel zeggen zodat de lezer het nog kan volgen. En gebeurt er wel genoeg, is er actie tussen de bespiegelingen over het leven door?Doordat je zo nadenkt over je stukje tekst, kom je vanzelf op nieuwe inzichten. Ik denk wel dat Ri-luan er niks aan vindt, zo’n saai leven, maar hij weet niet beter. Dit is waar hij in geboren is. Er moet dus wel iets gebeuren zodat hij weet dat er ook een ander leven mogelijk is. Maar wat? En vind hij zo’n ander, slordiger leven echt wel prettiger? Of wordt hij een zendeling, iemand die anderen ook wil overtuigen om AI-robotloos te gaan leven? 

Nu moet ik dus het karakter van Ri-Luan gaan uitpluizen. Zijn naam, die zomaar bij me opkwam, geeft in elk geval al een richting. En in mijn hoofd leeft deze jongen al. 

Zal er ooit een boek komen waarin ik dit verhaal uitwerk? Geen idee! Er dienen zich voortdurend nieuwe ideeën aan. En daarom blijf ik schrijven, ook als er geen tijd is, ook als de wereld allerlei andere dingen van me vraagt. 

En jij? Waarom schrijf jij?